Inrichtingsplannen 2019-09-19T12:14:12+02:00

Inrichtingsplannen

Voor opdrachtgevers worden de gedegen ecologische kennis en ervaring van Bureau Daslook ingezet voor het samenstellen van plannen voor (her)inrichting van natuurterreinen en van natuurontwikkelingsterreinen van zowel natuurbeherende instanties als van particulieren.

Voorbeeldprojecten

Rijkswaterstaat

  • Leveren van bijdragen aan de (her)inrichting van natuurvriendelijke oevers langs het Twentekanaal (fig. 1).


Figuur 1. Natuurvriendelijke oever langs het Twentekanaal bij Goor.

Grondbereik

  • Plan voor verondieping en inrichting van het zandgat in de Ravenswaarden bij Gorssel (fig. 2 en fig. 3).


Figuur 2. Luchtfoto van de zandwinplas bij Gorssel.

 


Figuur 3. Visualisering van heringerichte zandwinplas (Tekening Marjolein Hameleers).

Gemeente Lochem

  • Opstellen plan voor inrichting van een natuurtuin.

Natuurtuin in De Groeve: onze eigen tuin

De tuin wordt ingericht op een kavel van 2750 m2 iets ten zuiden van het Natura 2000-gebied Zuidlaardermeer en het natuurgebied ‘Zuidoevers’ van het Drentse Landschap (Fig. 4).


Figuur 4. De ligging van de kavel vlakbij de oeverlanden van het Zuidlaardermeer.

De kavel wordt aan drie zijden omringd door wallen met daarop meidoorn, sleedoorn en hulst (Fig. 5 en Fig. 6).


Figuur 5. De kavel, gezien vanaf de zuidkant


Figuur 6. Detail van meidoorn op de wal aan de oostzijde.

De begrenzing aan de noordzijde is een 2,5 m brede sloot (Fig.  7).


Figuur 7. De met riet begroeide sloot aan de noordzijde (links).

De inrichting en te verwachten flora en vegetatie

1) Flora van bossen en stinzen

Als eerste zijn in het voorjaar, de zomer en de herfst van 2018 de wallen versterkt met de vrijkomende grond van het huis. Ze hebben daardoor een flauwer talud gekregen. De grond is verrijkt met betoniet en kalk. Het doel is dat zich in de schaduw van de struiken een flora ontwikkelt die kenmerkend is voor bossen en stinzen. Als bodembedekkende soorten zijn o.a. klimop, maagdenpalm en lelietje-van-dalen ingeplant. Hiertussen groeien straks bosanemoon, bosklaverzuring, boshyacint, voorjaarshelmbloem, knikkende vogelmelk, bostulp, gevlekt longkruid, akelei en natuurlijk daslook (Fig. 8). Ook is bastaard-smeerwortel aangeplant, een vroeg bloeiende  bodembedekker waarop veel hommels afkomen (Fig. 9).


Figuur 8 Daslook en akelei in de schaduw van de sleedoorn-meidoornwal.


Figuur 9 De geelwit bloeiende bastaard-smeerwortel in  de schaduw van de wal.

  2) Bloemrijk hooiland

In november is van het deel ten noorden van onze woning de voedselrijke zode van ruigte en grassen verwijderd. Hierna zijn er hoog-laag /droog-vochtig gradiënten gecreëerd. Het grondwerk is uitgevoerd door Johan Spreen van KVS De Groeve (Fig. 10 en Fig. 11)..


Figuur 10. Het creëren van hoog-laag verschillen; vergelijk met de beginsituatie in fig. 7.


Figuur 11. Het creëren van hoog-laag verschillen; vergelijk met de beginsituatie in fig. 7.

Het doel is dat zich op termijn een bloemrijk hooiland ontwikkelt met overgangen van matig droog grasland met soorten als muizenoor en grasklokje naar vochtig tot nat hooiland met echte koekoeksbloem en rietorchis. Rietochis groeit nu ook al in het aangrenzende hooiland van het Drentse Landschap.

Ontwikkelingen in het eerste jaar na aanleg

1) Flora van bossen en stinzen
In de wal zijn in het voorjaar van 2019 veel planten tot ontwikkeling gekomen, die uitbundig bloeiden. Naast krokussen en sneeuwklokjes waren dit onder meer bostulpen (fig. 12) en maarts viooltjes (fig. 13) In mei vormde grote muur tapijten van witte bloemen (fig. 14).

Figuur 12. Bostulp in bloei.

 

Figuur 13. In maart verschenen de blauwpaarse bloemen van maarts viooltje.

 

Figuur 14. Tapijten van grote muur en vergeet-mij-nietjes kleurden de wal in mei wit en blauw.

2) Bloemrijk hooiland
Na inzaai van een zadenmengsel van wilde bloemen trad in mei-juni massale kieming op. Daarbij kiemden niet alleen de ingezaaide soorten, maar ook andere soorten die in de zaadvoorraad van de bodem aanwezig waren. Dit waren pioniersoorten van akkers en ruigten zoals kamille (fig. 15). Van de ingezaaide soorten domineerde gewone margriet op de hogere delen (fig. 16) en echte koekoeksbloem in de laagte. Akkerdistels die op grote schaal uit wortelstokken waren opgekomen werden verwijderd. Dit geldt ook voor ridderzuring. Maaien en afvoeren van de vegetatie heeft in 2019 niet plaatsgevonden.

 

Figuur 15. Kamille, die massaal als pionier was gekiemd, kleurde het toekomstige hooiland aan weerszijden van het aangelegde schelpenpad wit.

 

Figuur 16. Overzicht van het toekomstige hooiland, waarin margriet op de hoge delen het aspect bepaalt (de groene pollen op de foto). Een schelpenpad slingert er doorheen.

 

Figuur 17. Ook aan de voorzijde van het huis ontwikkelt het bloemrijk hooiland met veel margrieten zich voorspoedig.

3) Bloemen voor insecten

Nabij het huis zijn planten aangeplant waarvan de bloemen insecten voorzien van stuifmeel en/of nectar, zoals brandkruid, ijzerhard, vlinderstruik en geraniumsoorten (fig. 18). Op zonnige dagen in juli en augustus telden we zes vlindersoorten en honderden bijen en andere insecten (fig. 19, 20, 21).

Figuur 18. Langs het huis groeien planten met bloemen die veel nectar leveren zoals kattenkruid, vlinderstruik, ijzerhard en geraniumsoorten.

 

Figuur 19. Een bij verzamelt nectar in een geraniumbloem.

 

Figuur 20. Distelvlinder op ijzerhard.

 

Figuur 21. Ook de atalanta liet zich zien.

4) De fruithoek

Ook vogels kwamen al volop in de tuin: putters die zaden aten van knoopkruid, appelvinken die de zaden van sleedoorn kraakten, koperwieken die zich te goed deden aan meidoornbessen en spreeuwen die de eerste kersen opaten. Een kersenboom hebben we geplant in de boomgaard, waar ook appels peren en pruimen aanwezig zijn. Hiernaast ligt een ‘duintje’ met duindoorns (fig. 22), die de komende jaren hopelijk ook bessen leveren.

Figuur 22. Naast een stapelmuurtje vinden we een ‘duintje’ met duindoorn en zeekool.